Onze oudste kon (en kan eigenlijk nog steeds) echt ziek ziek zijn. Misschien zijn het vast voortekenen van hoe hij later door de mannengriep heen zal gaan 😉
Ik had er in ieder geval in zijn babytijd altijd mijn handen vol aan. letterlijk. Als hij ziek was, wilde hij alleen maar bij me zijn, zitten, hangen. En alle alternatieven resulteerde vaak in hard huilen.
En een koortsig klein hummeltje dat huilt, dat kan mijn moederhart niet aan. En zo kon het dus gebeuren dat ik hele dagen met hem rondsjouwde tot hij weer beter was.
Toen al dacht ik wel eens aan het moment als er nog een kindje bij zou zijn. Hoe zou ik dat ooit gaan doen?
Maar zoals het gaat met bijna alle dingen waarvan ik me vooraf wel eens afvroeg ‘hoe doe je dat ooit met meer dan 1 kind?’ ging ook dit eigenlijk gewoon zoals het ging. Niet vaak had ik ze beide tegelijk even ziek. En zo kon er dus toch gewoon afgewisseld worden op mama’s schoot. Wat overigens ook erg hielp is dat nummer twee daar in toch wat meer de tough boy is. Hij kan hard vallen, opstaan, even over zijn zere plek wrijven en weer door gaan. Nou, dat gaat
de oudste niet snel doen.
Maar toen nummer 3 erbij kwam ontdekte ik dat er toch wel een max zit aan wat je als moeder tegelijk kan doen. Of in ieder geval wat IK als moeder tegelijk kan doen.
Doorgaans red ik me prima en draai ik mijn hand er niet voor om met de hele kinderschare van alles en nog wat te ondernemen. Maar er zijn dagen dat ik me afvraag hoe ik het toch allemaal voor elkaar ga krijgen. Dan merk ik dat ik echt handen te kort kom. Nee, ik kan niet én iemands billen afvegen, én een huilend kind uit bed halen én een boterham smeren op hetzelfde moment. Niemand trouwens, geruststellende gedachte 🙂 En op wat uitspattingen na kunnen ze hier alle drie eigenlijk heel prima mee omgaan. Leren ze ook nog op hun beurt wachten, mooi meegenomen.
Maar als ze, of op z’n minst, een van hen ziek is… ja dan wordt het een ander verhaal.
En dat was van de week. Maandag word ik gebeld door school, de oudste is hard gebotst met het buitenspelen en heeft een best ei op z’n voorhoofd. Hij voelt zich echt niet fijn en juf vraagt of ik hem op kom halen. Tuurlijk, ik kom er meteen aan.
Nummer 2 gaat gelukkig fluitend de dag door en dat is maar goed ook want halverwege de middag word ik gebeld door het kinderdagverblijf, of ik de jongste wil komen halen. Hij heeft koorts. Tuurlijk, ik kom er meteen aan.
Het luidt een week in van continu handen te kort komen.
De oudste blijkt toch wat meer ontregeld dan verwacht en de jongste is echt ziek. En nummer 2 die overal doorheen fietst, ja die baalt omdat hij energie voor 10 heeft maar we ineens geen kant op kunnen.
Een huis vol niet-blije kindjes als gevolg. En als het dan ook nog hard begint te regenen als ik net besloten heb het hele volk mee te slepen voor een wandelingetje (dat geeft vaak even wat frisse energie) ben ook ik verre van blij.
Handen te kort!
Eind van de week zeg ik ‘s avonds in bed tegen mijn man ‘ik heb ze geprobeerd alle drie zoveel mogelijk te geven wat ze nodig hadden, maar het was eigenlijk voor alle drie niet genoeg’.
Tja.. ook dat hoort erbij. En ze houden er gelukkig niks aan over hoor. Dat weet ik ook wel. Maar soms zou een paar extra handen toch verrekte praktisch zijn.
Zelf houd ik er overigens wel wat aan over, pijnlijke rug en schouderspieren. Dat tillen van die poemeltjes gaat je niet in de koude kleren zitten. Maar ook dat gaat weer over.
En nu ze allebei weer wat opkrabbelen zie ik het weer een stuk zonniger in en gaan we deze week snel vergeten!

One Reply to “Handen te kort”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.